Neem nu een abonnement op Fintool.nl
De betrouwbare vraagbaak voor financiƫle dienstverleners.
Abonneren Bekijk alle diensten
25 mei 2022 Nieuws

Wettekst Fiscale verzamelwet 2023

Wijziging van enkele belastingwetten en enige andere wetten (Fiscale verzamelwet 2023).
  • Dagelijkse e-mail nieuwsbrief
  • Kennisbank met 1000+ artikelen
  • Rekenmodellen en downloads
  • Persoonlijk archief
  • Inclusief Permanent Actueel module!!

Dit wetsvoorstel bevat o.a. de volgende maatregelen:

Codificatie maatregelen lijfrenten en loonstamrechten;

Voorgesteld wordt om twee maatregelen (grotendeels) te codificeren die in twee beleidsbesluiten (het Verzamelbesluit Lijfrenten en het Klein verzamelbesluit pensioenen) zijn geregeld, een op het terrein van lijfrenten1 en een op het terrein van loonstamrechten.

De eerste maatregel betreft het verkorten van de looptijd van een nog niet ingegane bancaire lijfrente in situaties waarin een bloed- of aanverwant, niet zijnde de (gewezen) partner, in de rechte lijn of in de tweede of derde graad van de zijlijn die de AOW-gerechtigde leeftijd heeft bereikt gerechtigd wordt tot het kapitaal uit een aan hem toekomende nabestaandenlijfrente. Wanneer bijvoorbeeld een ouder die de AOW-gerechtigde leeftijd reeds heeft bereikt gerechtigd wordt tot een lijfrentekapitaal van zijn kind, kan de situatie ontstaan dat verzekeraars geen lijfrenteverzekering meer aanbieden. In die gevallen heeft de gerechtigde uitsluitend de keuze om de lijfrente af te kopen (met revisierente tot gevolg) of een bancaire lijfrente af te sluiten, waarvoor een minimale looptijd van twintig jaar geldt. Deze minimale looptijd is opgenomen om voor bancaire lijfrenten een levenslange uitkering te benaderen, zodat sprake is van een reële oudedagsvoorziening. Wanneer de gerechtigde tot de nabestaandenlijfrente de AOW-gerechtigde leeftijd heeft bereikt, kan niet zonder meer gesteld worden dat slechts met een minimale looptijd van twintig jaar sprake is van een reële oudedagsvoorziening. Daarom wordt voorgesteld in dergelijke situaties rekening te houden met de leeftijd van de gerechtigde en de minimale looptijd van een bancaire lijfrente van twintig jaar te verlagen naarmate iemand op het moment van gerechtigd worden tot een nabestaandenlijfrentekapitaal de AOW-gerechtigde leeftijd heeft bereikt.
Hierbij is met het oog op het zowel consistenter als eenvoudiger maken van de regeling niet de minimumtermijn van vijf jaar opgenomen die wel in het Verzamelbesluit Lijfrenten is gesteld. Het hanteren van deze termijn maakt de regeling achteraf bezien onnodig ingewikkeld en pakt bovendien onredelijk uit bij hoogbejaarde belastingplichtigen. In dat kader wordt tevens voorgesteld de minimale looptijd van vijf jaar op vergelijkbare wijze en om dezelfde reden aan te passen voor situaties waarin de termijnen voortvloeien uit het overlijden van de (gewezen) partner van de verzekeringnemer of bij het overlijden van de verzekeringnemer, terwijl nog geen uitkeringen zijn ingegaan, toekomen aan een andere persoon dan een bloed- of aanverwant, niet zijnde de (gewezen) partner.

De tweede maatregel betreft het toevoegen van beleggingsondernemingen als toegelaten aanbieders voor uitkeringen van loonstamrechten. Tot en met 31 december 2013 kon een loonstamrecht in fiscale zin ontstaan. Een loonstamrecht is een aanspraak op periodieke uitkeringen ter vervanging van gederfd of te derven loon. Bij ontslag kon met een beëindigingsvergoeding een aanspraak op een loonstamrecht in fiscale zin worden bedongen, bijvoorbeeld bij een eigen besloten vennootschap (bv). Over de uitkeringen uit een dergelijk stamrecht dient loonbelasting te worden ingehouden. Tot 1 januari 2014 ontstane loonstamrechten worden fiscaal geëerbiedigd.

In de Wet uitfasering pensioen in eigen beheer en overige fiscale pensioenmaatregelen is met terugwerkende kracht tot en met 1 januari 2017 geregeld dat beleggingsondernemingen kwalificeren als toegelaten aanbieders voor bancaire lijfrenten. Deze uitbreiding is destijds niet geregeld met betrekking tot loonstamrechten. Beleggingsondernemingen kwalificeren daardoor niet als toegelaten aanbieders van loonstamrechten. Achtergrond voor de toevoeging van beleggingsondernemingen aan de kring van toegelaten aanbieders voor bancaire lijfrenten was om een meer gelijk speelveld te creëren met andere aanbieders van bancaire lijfrenten en tegelijkertijd ook de keuzemogelijkheden voor klanten te vergroten. Dit geldt evenzeer voor het onderbrengen van loonstamrechten bij beleggingsondernemingen. De Belastingdienst heeft verzoeken ontvangen van beleggingsondernemingen om hen aan te merken als toegelaten aanbieders voor het uitvoeren van loonstamrechten. Naar aanleiding van deze signalen uit de praktijk is vooruitlopend op wetgeving door middel van het Klein verzamelbesluit pensioenen reeds goedgekeurd dat beleggingsondernemingen eveneens kwalificeren als toegelaten aanbieders voor de uitvoering van loonstamrechten. Daarnaast is het voor de Belastingdienst wat betreft toezichts- en handhavingscapaciteit positief als individuele stamrecht-bv’s kunnen worden beëindigd vanwege de mogelijkheid het saldo van een loonstamrecht aan een beleggingsonderneming over te dragen.

In het Klein verzamelbesluit pensioenen is bepaald dat deze maatregel terugwerkt tot en met 1 april 2017. Het betreffende onderdeel van de Wet uitfasering pensioen in eigen beheer en overige fiscale pensioenmaatregelen is echter met terugwerkende kracht tot en met 1 januari 2017 in werking getreden. Derhalve wordt voorgesteld ook bij de voorgestelde codificatie van dit onderdeel van het Klein verzamelbesluit pensioenen uit te gaan van terugwerkende kracht tot en met 1 januari 2017.

Erfbelasting

Tegemoetkoming schrijnende situaties
In oktober 2020 verscheen een nieuwsbericht in de media waarin de tragische situatie werd beschreven van een minderjarig kind dat zijn ouders verliest, de ouderlijke woning erft en vanwege de fiscale verplichtingen die uit de nalatenschap voortvloeien zou worden gedwongen om de geërfde ouderlijke woning waarin hij woont te verkopen. Kinderen hebben op grond van de huidige wet- en regelgeving in situaties als deze geen recht op renteloos uitstel van betaling voor het betalen van de – in dit geval – erfbelastingschuld. Bij betaling na de betalingstermijn wordt aan de belastingschuldige, in beginsel, invorderingsrente in rekening gebracht.

In de wet is geregeld binnen welke betalingstermijn een belastingaanslag moet worden voldaan. Er kunnen zich echter situaties voordoen waarin betaling van een belastingaanslag binnen de geldende betalingstermijn leidt tot onbillijkheden van overwegende aard. In die situaties kan redelijkerwijs niet van de belastingschuldige worden gevergd dat de belastingaanslag binnen de geldende betalingstermijn wordt voldaan. De voorgestelde wijzigingen van de wet strekken om die reden voor die gevallen tot:
a. het bieden van uitstel van betaling voor de duur van minimaal vijf jaar;
b. het daarbij niet in rekening brengen van invorderingsrente.

Voorjaarsnota 2022

De Voorjaarsnota bevat een bijwerking van de begroting voor 2022, en de plannen voor 2023 en verder.

Een selectie van de vele wijzigingen:

* Algemeen tarief overdrachtsbelasting van 9% naar 10,1%

Het algemeen tarief van de overdrachtsbelasting wordt verhoogd van 9 procent naar 10,1 procent. Het algemeen tarief geldt niet voor de verkrijging van woningen door mensen die deze zelf langdurig gaan bewonen. Deze tariefsverhoging geldt met name voor verkrijgingen niet-woningen en voor verkrijgingen van woningen door rechtspersonen en natuurlijke personen die niet zelf (anders dan tijdelijk) de woningen als hoofdverblijf gebruiken. [Fintool: Het kabinet was al voornemens om per 2023 het huidige 8% tarief te verhogen naar 9%, nu dus 10,1%.]

* Afschaffen Fiscale oudedagsreserve (FOR)

De FOR wordt afgeschaft in de vorm van het met ingang van 1 januari 2023 niet meer fiscaal gefaciliteerd mogen opbouwen van de FOR, waarbij de bestaande reeds opgebouwde FOR nog wel op basis van de huidige regels kan worden afgewikkeld.

 

Bron: Rijksoverheid

Adresgegevens

Fintool
Vlinderweg 2 | Unit 0.24
2623 AX Delft

Telefoon 085 - 111 89 99
Telefax 085 - 111 88 80
E-mail: info@fintool.nl
KvK 27256668

Fintool bv © 2003/2022. Alle rechten voorbehouden.
Lees graag de leveringsvoorwaarden en het privacy reglement.