Het hof stelt vast dat er een wanverhouding bestaat tussen de door verkoper geleden schade en de boete.
De boete volgens artikel 11.2 van het contract bedraagt € 79.000,00. De schade is volgens verkoper € 16.027,16 aan dubbele woonlasten. Volgens de eigen stellingen van verkoper is de boete dus 5 maal zo hoog als de schade.
Het hof van oordeel dat de billijkheid klaarblijkelijk eist de bedongen boete te matigen tot € 7.810,40.
Tussen partijen staat vast dat door de makelaar van verkoper het contract is opgesteld aan de hand van de daarvoor gebruikelijke standaard en dat over het boetebeding niet is onderhandeld. Niet is gesteld dat bij het sluiten van de overeenkomst verkoper koper uitdrukkelijk op het boetebeding van artikel 11 heeft gewezen en de toepasselijkheid daarvan in geval van niet nakoming van artikel 15.
Bron: Rechtspraak.nl
Fintool: In wisselende uitspraken wordt de boete (deels) toegekend of afgewezen. Een verkoper zal adequaat dienen te reageren op het inroepen van het financieringsvoorbehoud door koper. De koper andersom zal zo volledig mogelijk moeten onderbouwen waarom financiering niet haalbaar is.
Zorgelijker is dat in paragraaf 6.16.4 het Hof in haar overwegingen de toepasbaarheid van het beding aan de orde stelt. Het geeft wellicht aanleiding om bij genoemd beding door kopers een extra paraaf te laten plaatsen?!
Fintool
info@fintool.nl
085 111 89 99