De adviseur erkent dat zij - nadat was gebleken dat verhuur van die kamer niet nodig was ter financiering van de woning - aan [eiser] had moeten vragen of hij nog steeds een kamer in die woning wilde verhuren.
Daarmee staat naar het oordeel van de kantonrechter vast dat de adviseur op dat punt haar zorgplicht heeft geschonden.
Op 22 januari 2020 hebben partijen hierover een eerste gesprek gevoerd. Tijdens dat gesprek is de mogelijkheid van kamerverhuur besproken en heeft [eiser] aan de hypotheekadviseur een e-mail van 21 januari 2020 laten zien, waarin [betrokkene 1] verklaart voornemens te zijn in die door [eiser] aan te kopen woning een kamer te huren voor € 450,- per maand als de woonbezichtiging bevalt. [eiser] heeft tijdens het gesprek op 22 januari 2020 verder te kennen gegeven dat hij huurinkomsten heeft uit twee panden in Zuid-Limburg.
Ter verkrijging van de financiering heeft de hypotheekadviseur uiteindelijk, naast inkomen uit loon, alleen de huurinkomsten uit de twee panden in Zuid-Limburg meegenomen. Het bleek niet nodig daarin ook huurinkomsten uit de aan te kopen woning mee te nemen.
Bij e-mail van 27 juli 2020 heeft [eiser] de hypotheekadviseur er op gewezen dat hij ‘zoals aangegeven’ een kamer wil verhuren in de nieuwe woning, maar dat in de concept-hypotheekakte staat dat hiervoor toestemming nodig is. In die e-mail heeft hij aan de hypotheekadviseur gevraagd die toestemming te regelen.
Op advies van de hypotheekadviseur heeft [eiser] - in verband met de overdracht van de woning op 30 juli 2020 - de hypotheekakte van geldverstrekker toch getekend, waarbij de hypotheekadviseur heeft toegezegd dat daarna naar een oplossing gezocht zou worden.
Na de overdracht van de woning heeft de hypotheekadviseur namens [eiser] alsnog een formeel verzoek ingediend bij de geldverstrekker om een kamer te mogen verhuren in de nieuwe woning. Bij e-mail van 10 december 2020 heeft geldverstrekker dat verzoek afgewezen.
Naar het oordeel van de kantonrechter is [eiser] geslaagd in het bewijs dat hij direct een hypothecaire geldlening had kunnen afsluiten die kamerverhuur toestaat indien de hypotheekadviseur haar zorgplicht niet had geschonden. In zoverre is het vereiste causaal verband gegeven. Vervolgens is de vraag aan de orde in hoeverre de schadeposten die [eiser] opvoert voor vergoeding in aanmerking komen. De stelplicht en bewijslast ter zake rusten onverkort op [eiser] .
De kantonrechter veroordeelt de hypotheekadviseur tot diverse betalingen (onder aftrek van het belastingvoordeel dat eiser geniet wegens de oversluitboete (vergoedingsrente).
Bron: Rechtspraak.nl
Fintool
info@fintool.nl
085 111 89 99