De niet-financiële bezittingen in Nederland zijn in 2020 voor het vijfde jaar op een rij toegenomen en kwamen uit op 4,2 biljoen euro. De toename is het grootst bij woningen (inclusief grond onder woningen). Dit is vooral toe te schrijven aan de stijgende huizenprijzen. Dit meldt het CBS op basis van nieuwe cijfers.
De stijging van het doorsnee nagelaten vermogen werd voornamelijk veroorzaakt door de stijging van de waarde van de nagelaten eigen woning. De woning is jaarlijks het grootste bestanddeel van het totale bedrag aan nagelaten vermogen.
Dat blijkt uit nieuwe cijfers van het CBS.
Er waren 7,8 miljoen huishoudens die samen 2.400 miljard euro aan bezittingen hadden. Daartegenover stond 870 miljard aan schulden, waardoor het totale vermogen in Nederland uitkwam op 1.540 miljard.
Dat meldt het CBS op basis van nieuwe cijfers.
Betaalbare huurwoningen in de vrije sector zijn moeilijk te vinden. Vooral starters op de woningmarkt hebben belang bij een beter functionerende vrije huursector. Ook heeft huren voor de samenleving als geheel voordelen ten opzichte van kopen. Dat meldt DNB.
In Welvaart in Nederland 2019 presenteert het CBS de nieuwste gegevens over inkomen, bestedingen en vermogen van huishoudens en personen in Nederland.
Ook is een hoofdstuk gewijd aan de hypotheekrenteaftrek.
Het totale vermogen van alle huishoudens samen bedroeg 1.260 miljard euro in 2017, opgebouwd uit 2.083 miljard euro aan bezittingen en 823 miljard aan schulden. Prijsstijgingen en -dalingen van woningen hebben grote invloed op het vermogen van huishoudens.
Bijna 6 op de 10 huishoudens hadden een eigen woning. De eigen woning vormde met 58 procent van de bezittingen het grootste vermogensbestanddeel. Daarna volgen bank- en spaartegoeden (14 procent) en aanmerkelijk belang in vennootschappen (9 procent). De hypotheekschuld is met 86 procent de grootste schuldenpost. Studieschulden zijn goed voor 2 procent van de schulden. Dat meldt het CBS op basis van nieuwe cijfers.
Het nagelaten vermogen van overledenen is in 2015 na enkele jaren van krimp weer groter geworden. Ruim 146 duizend overledenen lieten 15,5 miljard euro aan vermogen na, 680 miljoen euro meer dan in 2014. Dit blijkt uit nieuwe cijfers van het CBS.
Tijdens de kredietcrisis daalde niet alleen de waarde van onroerend goed, maar ook die van woninginboedels en auto’s, zij het minder fors. In 2008 bezaten huishoudens nog voor 177 miljard euro aan dergelijke zogeheten duurzame consumptiegoederen. In 2014 waren deze bezittingen nog maar 167 miljard euro waard. Vóór de kredietcrisis nam het bezit aan woninginboedels en auto’s juist fors toe. Dit meldt CBS.
De Nederlandse hypotheekschuld bedroeg eind vorig jaar bijna 670 miljard euro. Dit is 111 procent van het bruto binnenlands product en daarmee het hoogste van de eurozone. Dat heeft het Centraal Bureau voor de Statistiek woensdag bekendgemaakt.
Nederlanders hadden vorig jaar voor 3,9 miljard euro aan ongebruikte spullen in huis opgeslagen. Dat blijkt uit onderzoek van Trendbox onder 505 respondenten, in opdracht van Marktplaats.nl.
In 2008 waren de bezittingen in Nederland ongeveer 3,5 biljoen euro waard. Dit komt overeen met ruim 210 duizend euro per inwoner. Ten opzichte van 1996 is de waarde meer dan verdubbeld.
Man A vrouw B
Man A heeft geen koopwoning in bezit gehad
Vrouw B heeft een koopwoning, hypotheek 58k, VVW 250k.
A en B komen aan tafel. Ze willen een woning kopen. Financieringsbehoefte 350k.
A kan 275k gefinancierd krijgen. A en B gezamenlijk 450k.
In de woning van B wonen de kinderen van B. B heeft de wens om de woning te verhuren aan de kinderen na aankoop van een woning.
De wens van A en B is om later in GVG te trouwen. Ze zijn beide nu niet samenwonend en vertrekken vanuit de eigen woning naar de gezamenlijke woning.
Wanneer A de woning aankoopt en B hoofdelijk medeschuldenaar wordt voor de lening voor de woning, wat zijn dan de fiscale gevolgen?
Mevrouw krijgt een EWR ter grootte van de overwaarde omdat de huidige woning naar Box III verhuist. Dit heeft geen invloed omdat ze geen woning koopt. Het feit dat ze hoofdelijk medeschuldenaar wordt speelt in deze geen rol.
De EWR bestaat 5 jaar. Ook bij tussentijdse verkoop zal dit geen invloed hebben op de lening van A.
Klopt deze bewering, of waar ga ik de mist in in mijn beredenering? Ik ben me bewust van het feit dat ik een geldverstrekker moet vinden die toestaat dat iemand geen eigenaar wordt wel mede-schuldenaar wordt. Ik kan er echter ook voor kiezen om B 1% eigenaar te laten worden.
Dringend advies gevraagd!!!
Alvast vriendelijk dank!
Jamie Hilgersom
Een dga heeft een bedrijfspand in prive-bezit en verhuurt dit bedrijfspand aan zijn eigen bv. Nu overweegt hij dit pand te verkopen aan zijn bv. Vraag is nu of hij belasting verschuldigd is over de waardestijging van het te veropen pand.
Klant bezit in privé een bedrijfshal en verhuurd deze. Klant heeft voor huurinkomsten gekozen voor BTW-optieregeling en vordert dus de btw terug. Zit de bedrijfshal dan toch in box3 en zijn de huurinkomsten en eventuele verkoopwinst onbelast of valt alles voor deze klant nu in box1 door de BTW-regeling?
Een client bezit twee woningen. De eerste eigen woning wordt te koop gezet en de clienten gaan permanent in hun eigen recreatiewoning wonen. Er is een hypotheek voor de eerste eigen woning, op de recreatiewoning loopt nog geen hypotheek. Voordat de clienten de recreatiewoning permanent gaan bewonen vindt er eerst nog een verbouwing plaats.
De waarde van de recreatiewoning is goedkoper dan de voormalige eerste woning. Er komt een hypotheek op de recreatiewoning o.a. ivm de verbouwing.
Mijn vraag is: is de rente op de recreatiewoning fiscaal aftekbaar?, zo ja vanaf welk moment?.
en kan er i.v.m. de verbouwing tijdelijk op twee woningen renteaftrek plaatsvinden?.
Alvast bedankt voor uw reactie.
Als professioneel financieel adviseur moet en wilt u bijblijven en dat het liefst in zo weinig mogelijk (kostbare) tijd. Dat kan nu met Fintool.nl! Meld u nu aan als abonnee en krijg direct toegang tot de Kennisbank en Helpdesk.