Een huiseigenaar (eiser) wenst zijn voormalige echtgenoot te ontslaan uit hoofdelijke aansprakelijkheid. De discussie spitst zich toe op de vraag of er sprake is van een maximale boete van 3% van het leningbedrag (in plaats van de reguliere vergoedingsrente).
De Kennisgroep onroerende zaken heeft de vraag beantwoord of sprake is van aftrekbare boeterente als een belastingplichtige in de geldleningsovereenkomst met zijn bv geen boeterenteclausule is overeengekomen en de lening te allen tijde boetevrij kan worden afgelost.
Met een brief informeert de Autoriteit Financiële Markten (AFM) de sector over een aanvulling van de leidraad ‘Vergoeding vervroegde aflossing van de hypotheek’. In deze Leidraad uit 2017 is toegevoegd op welk moment de vergelijkingsrente wordt vastgesteld. De sectorbrief en de aanvulling zijn vooraf geconsulteerd bij marktpartijen.
In lijn met eerdere uitspraken heeft Kifid (opnieuw) beslist dat bij verwerving door de achterblijvende partij geen sprake is van verkoop door de vertrekkende partij waardoor boetevrij zou kunnen worden afgelost.
De consumenten hebben een hypothecaire geldlening die uit twee leningdelen bestaat. Omdat de rentevastperiode van een leningdeel per 1 maart 2021 zou aflopen, heeft de bank de consumenten hierover geïnformeerd. Voor het andere leningdeel stond de rente vast tot 1 maart 2031. De consumenten hebben vervolgens een voorlopige berekening van de vergoeding voor vervroegd aflossen van hun hypothecaire geldlening opgevraagd.
Eiser is een consument met de buitenlandse nationaliteit die de Nederlandse taal slechts in beperkte mate beheerst. De aankoop is uiteindelijk met vertraging gepasseerd.
De consumenten willen hun huidige hypothecaire geldlening boetevrij met eigen middelen aflossen om daarna een tweede hypothecaire geldlening af te sluiten met een lagere rente.
De consumenten zijn van mening (Kifid klacht) dat de vergelijkingsrente gebaseerd moet worden op de rente die gold op het moment dat hun hypotheekdossier compleet was, dan wel de rente die gold op het moment van opvragen van de definitieve aflosnota.
De familiebank kan gezien de huidige stand van de spaarrentes een goed alternatief vormen. Maar welk rentepercentage mag men dan rekenen? Vaak wordt een 'opslag' van 25% als richtlijn gegeven. In een handreiking familieleningen geeft de Belastingdienst een richtlijn. En heel handig, er is ook een 'toetsschema'.
De Bank heeft op verzoek van Consumenten een pro forma aflosnota opgemaakt, maar heeft de berekening op een foutieve risicoklasse gebaseerd. Consumenten hebben vervolgens een substantieel deel van de hypothecaire geldlening vervroegd afgelost en een definitieve aflosnota opgevraagd.
Voor welke uitgaven rondom een koopwoning mag de verhoogde schenkvrijstelling worden aangewend? Kan (een deel) ook gebruikt worden voor bijvoorbeeld de hypotheekadvieskosten of vergoedingsrente (boeterente)?
Geldlener wil zijn drie hypothecaire geldleningen bij de Stichting oversluiten. De Stichting wil alleen meewerken aan doorhaling van de hypotheekinschrijvingen in de openbare registers als geldlener – naast de uitstaande bedragen – ook de contractuele boeterente voldoet, omdat de aflossing enkele weken eerder plaats zal vinden dan overeengekomen. Volgens geldlener is die boeterente niet of slechts gedeeltelijk verschuldigd.
Consument stelt dat de Bank de term ‘indicatief’ misleidend heeft gebruikt bij de (voorlopige) berekening van de vergoeding bij vervroegde aflossing. Deze vergoeding is in drie maanden bijna met 300% gestegen.
Digitaal centralebankgeld (CBDC) is een tegoed in euro’s dat Nederlandse huishoudens en bedrijven aanhouden bij De Nederlandsche Bank (DNB) of de Europese Centrale Bank (ECB). CBDC kan dienen als back-up voor girale betalingen, kan diversiteit in de betaalmarkt bevorderen en mogelijk de efficiëntie van grensoverschrijdende betalingen vergroten.
Vanaf 1 juni 2020 gelden de Voorwaarden & Normen 2020-2. Geldverstrekkers kunnen echter met ingang van 31 maart 2020 al gebruik maken van het recht op een betaling verwachte verlies, voor zowel nieuwe als lopende leningen met NHG.
Consument meent dat de Tussenpersoon en de Bank tegenover haar tekort zijn geschoten in de zorgplicht. Consument meent dat de Tussenpersoon nalatig is geweest, omdat deze wetenschap had moeten hebben van de afwijking van de voorwaarden.
Relatie wenst zijn hypotheek om te zetten vanwege ontslag hoofdelijke aansprakelijkheid van de ex-partner. Daarbij wordt de afkoopwaarde van een levensverzekering gebruikt om de hypotheek te verlagen.
Consument heeft een hypothecaire geldlening bij de bank, waarbij een gedeelte via banksparen wordt afgelost en een gedeelte via de opbrengst van een beleggingsrekening. Consument heeft op enig moment besloten om de geldlening over te sluiten. In verband hiermee dient zij een vergoeding te betalen wegens vervroegde aflossing (boeterente).
De richtlijn hypothecair krediet regelt dat aanbieders van hypothecair krediet aan consumenten geen vergoeding in rekening mogen brengen voor vervroegde aflossing van het krediet die hoger is dan het financiële nadeel dat de aanbieder als gevolg daarvan heeft. Deze bepaling is in het Besluit Gedragstoezicht financiële ondernemingen Wft (BGfo) geïmplementeerd.
In tegenstelling tot het advies van de adviseur, diende consument toch een aflossingsvergoeding te betalen aan de oude geldverstrekker. Consument vordert via Kifid de nettokosten van de betaalde boeterente.
Minister W.B. Hoekstra heeft gereageerd op de vragen die zijn gesteld n het schriftelijk overleg van 1 november over de Kamerbrief van 6 juli 2018 met daarin een reactie op de motie over een hypotheek met lagere maandlasten.
Met enige regelmaat beklagen consumenten zich bij Kifid over de boeterente die zij moeten betalen wanneer zij hun hypotheek (deels) aflossen. Rode draad in deze klachten is dat consumenten vinden dat de bank bij het berekenen van de boeterente rekening zou moeten houden met toekomstige aflossingen. De Geschillencommissie van Kifid volgt die redenering niet.
Fiscaal kan een draagplichtovereenkomst uitkomst bieden. Civielrechtelijk zitten er wel wat haken en ogen aan. Hieronder een casus ingeval van oversluiten.
Een consument stelt dat de Bank voor de berekening van de boeterente op onjuiste gronden de opgebouwde waarde van een bij een verzekeraar afgesloten verzekering niet heeft betrokken.
Als professioneel financieel adviseur moet en wilt u bijblijven en dat het liefst in zo weinig mogelijk (kostbare) tijd. Dat kan nu met Fintool.nl! Meld u nu aan als abonnee en krijg direct toegang tot de Kennisbank en Helpdesk.