Hierbij een nieuwe vraag,
Een klant van mij heeft 2 beleggingsverzekeringen afgesloten bij de hypotheek.
1 begin 01-05-2002 waarde +/- € 10.000,--, KEW
2 begin 1-3-1999, waarde +/- € 30.000,--, box 3 (oud)
De waarde is minder dan de ingelegde premie. Dit geldt voor beide polissen.
De hypotheek wordt overgesloten en ze willen de waarde van de polissen consumptief gebruiken. De hoogte van de hypotheek blijft hetzelfde. Heeft dit gevolgen voor de renteaftrek van de hypotheek?
Situatie : Iemand met een eigenwoningreserve van € 50.000 koopt een woning en sluit hiervoor een hypotheek van € 200.000. De hypotheek in de oude situatie bedroeg voor deze persoon € 125.000. De nieuwe hypotheek bestaat uit 2 leningdelen € 150.000 afl.vrij met een rente van 5% en een gedeelte van € 50.000 met een rente van 5,2%. We laten het eigen woning forfait even buiten beschouwing. Is er nu € 7.500 aftrekbaar in box 1 of mag je € 7600 aftrekken in box 1?
De afgelopen jaren hebben veel Nederlanders hun hypotheek overgesloten. Daarbij zijn in veel gevallen boeterente, afsluitprovisie, taxatiekosten, notariskosten etc. meegefinancierd. Deze meegefinancierde posten hebben geleid tot een box 3-schuld; rente over gefinancierde rente en kosten van geldleningen is niet aftrekbaar. Het is overigens de vraag of dit in het aangifteproces altijd juist wordt behandeld.
Voordelen uit sparen en beleggen worden belast in de inkomstenbelasting in box 3, de vermogensrendementsheffing. Daarbij wordt eerst de gemiddelde rendementsgrondslag vastgesteld. De gemiddelde rendementsgrondslag is het gemiddelde van de waarde van de bezittingen minus de schulden op het begin van het kalenderjaar (1 januari) en op het einde van het kalenderjaar (31 december). De gemiddelde rendementsgrondslag wordt verminderd met het heffingsvrije vermogen. Vervolgens wordt op deze gemiddelde rendementsgrondslag geacht 4% rendement te zijn behaald (fictief rendement), waarover 30% inkomstenbelasting verschuldigd is.
Het is moeilijker geworden om het werkelijke pensioentekort te repareren in de derde pijler, het ‘boxenstelsel’ is niet zo eenvoudig en de ‘factor A’ geeft nog onvoldoende duidelijkheid. Dat zijn Volgens het Verbond van Verzekeraars de belangrijkste conclusies uit een evaluatie van de Belastingherziening 2001 onder levensverzekeraars.
Als professioneel financieel adviseur moet en wilt u bijblijven en dat het liefst in zo weinig mogelijk (kostbare) tijd. Dat kan nu met Fintool.nl! Meld u nu aan als abonnee en krijg direct toegang tot de Kennisbank en Helpdesk.