Een ouder is een lijfrenteverzekering aangegaan voor zijn invalide kind om te voorzien in zijn levensonderhoud als hij dat niet meer kan. De lijfrenteverzekering is een verzekering voor een meerderjarig invalide kind (hierna wordt deze verzekering aangehaald als MIK).
Bij een relatie (62 jaar) van ons kantoor expireert zijn lijfrenteverzekering. (afgesloten in 1995) Vorig jaar heeft hij de laatste jaarpremie voldaan. Nu relatie 1 dag minder wil gaan werken, heeft hij behoefte aan een overbruggingslijfrente. Echter, zijn AOW-leeftijd is gestegen, terwijl we in de planning er altijd van uit zijn gegaan dat hij met zijn 65e met pensioen zou gaan. Wat is nu (nog) mogelijk?
De zes grootste verzekeraars hebben ten opzichte van 2013 de informatieverstrekking aan consumenten over expirerende lijfrentes verbeterd, zo blijkt uit nieuw onderzoek van de Autoriteit Financiële Markten (AFM).
Bij Kifid is een klacht ingediend door de erfgenaam van verzekerde van een direct ingaande lijfrenteverzekering zonder contraverzekering. De verzekerde overlijdt binnen 30 dagen na de totstandkoming van de verzekering. De Consument (erfgenaam) stelt dat het overlijden van de verzekerde als ‘passieve vorm van opzegging’dient te worden beschouwd.
In een klacht bij Kifid is door erfgenamen gesteld dat een adviseur zijn zorgplicht verzaakt heeft, door het niet adviseren van een contraverzekering.
Uit de klacht blijkt maar weer het belang van een goede dossiervorming en het (standaard) meenemen van een advies voor een contraverzekering.
Het overgangsrecht tijdelijke oudedagslijfrente bij verhoging van de AOW-leeftijd is met ingang van 1 januari 2014 van kracht.
Voor de adviespraktijk houdt dit in dat er mogelijk aanpassingen nodig zijn voor bestaande lijfrenteverzekeringen.
Een tijdelijke oudedagslijfrente kan ingaan in het jaar dat de belastingplichtige de leeftijd van 65 jaar bereikt. Met het aanpassen van de AOW leeftijd (stapsgewijs), schuift ook de (minimale) ingangsdatum op van de tijdelijke oudedagslijfrente.
Het gerechtshof te Amsterdam heeft een uitspraak gedaan over het moment van belastingheffing bij een lijfrenteverzekering die geëxpireerd is.
De verzekeringnemer heeft bij een expiratie van een lijfrenteverzekering de keus om de einddatum uit te stellen, of er een direct ingaande lijfrente voor aan te kopen. Hier geeft de wetgever een redelijke termijn voor (zie ook art. 3.133, lid 3 Wet IB 2001).
Klant is 62 jaar en heeft een expirerende lijfrentepolis van € 57.500.
De waarde per 31-12-2005 was € 55.000,-. Hiervoor wil hij een overbruggingslijfrente. het restant wordt uitgesteld tot 65 jaar. Mag het dan opgenomen worden als een "kleine" lijfrente?
De premieomzet van individuele levensverzekeringen was in juni 16 procent lager dan in dezelfde maand vorig jaar. Dat blijkt uit cijfers van het Centrum voor Verzekeringsstatistiek.
Als download is het lijfrentebesluit aan de kennisbank toegevoegd.
Van praktisch belang is met name paragraaf 2.4 'Beloning tussenpersoon (artikel 1.7b van de Wet IB 2001)'
VKG heeft de vergelijkingsmodule voor Direct Ingaande Lijfrente aangepast. Met het aankomend provisieverbod op ‘complexe’ producten per 1 januari 2013 toont de serviceprovider vanaf heden de premies zonder provisie.
Als professioneel financieel adviseur moet en wilt u bijblijven en dat het liefst in zo weinig mogelijk (kostbare) tijd. Dat kan nu met Fintool.nl! Meld u nu aan als abonnee en krijg direct toegang tot de Kennisbank en Helpdesk.