De AFM biedt een aanvulling op de bestaande Leidraad advies- en vermogensbeheerdienstverlening ter consultatie aan. Uit een eerder AFM-onderzoek is gebleken dat aanzienlijke verschillen bestaan tussen verwachte rendementen die beleggingsondernemingen hanteren.
De verwachte rendementen die beleggingsondernemingen voorhouden aan hun klanten verschillen nogal. Het verwachte brutorendement liep uiteen van 2,7% tot 7% op jaarbasis, terwijl het om beleggers met vergelijkbaar ‘neutrale portefeuille’ gaat. Uit onderzoek van de Autoriteit Financiële Markten (AFM) onder 18 beleggingsondernemingen blijkt dat ze verschillende methoden en aannames hanteren. De AFM vermoedt dat een deel van de verwachtingen niet realistisch is.
Uit de 150 door DNB beoordeelde herstelplannen blijkt dat het herstel van vrijwel alle fondsen uit verwachte beleggingsrendementen komt. In een herstelplan is het toegestaan om uit te gaan van, bijvoorbeeld, maximaal 5,6 procent rendement op aandelen. De meeste pensioenfondsen gaan in hun herstelplannen uit van het rendement waarmee maximaal gerekend mag worden.
Een hogere premie wordt niet gebruikt als middel om te herstellen. Bij de meeste fondsen draagt de premie zelfs negatief bij aan het herstel. Dat komt doordat veel fondsen de premie dempen. Hiermee worden ongewenste premieschommelingen vermeden, maar het resulteert ook in een te lage premie ten opzichte van wat voor de pensioentoezegging nodig is.
Ondanks de historisch lage spaarrente durft het leeuwendeel van Nederlandse huishoudens niet te beleggen. Slechts 23% van ruim 2.000 ondervraagde huishoudens blijkt te beleggen in aandelen en/of obligaties. Angst voor de risico’s en twijfels over de adviseurs zijn de meest gehoorde redenen om af te zien van beleggen en te kiezen voor de klassieke spaarrekening.
In een Kifid uitspraak wordt ingegaan op de zorgplicht voor monitoring van een (extra) storting. Vanwege onvoldoende saldo bij de rekeninghouder was een hoge storting van €14.000 niet mogelijk. Klager claimt nu het verschil in doelkapitaal vanwege het ontbreken van deze storting.
Uit recent consumentenonderzoek voor de Autoriteit Financiële Markten (AFM) blijkt dat bijna de helft van alle beleggers een specifiek doel voor ogen heeft bij het beleggen, zoals het aflossen van de hypotheek, het aanvullen van inkomen of pensioen. De toename van het doelbeleggen zien we vooral bij execution only beleggers. De AFM vindt het een goede ontwikkeling dat consumenten nadenken over hun vermogensopbouw.
Een werknemer heeft een beschikbare-premieregeling. Het met de ingelegde premies behaalde rendement valt tegen. Hierdoor is het uiteindelijk aan te kopen pensioen lager dan verwacht. Is het mogelijk om extra bedragen te storten in de beschikbare-premieregeling om het tegenvallende rendement te compenseren?
Volgens DNB is in het vierde kwartaal van 2013 het aantal Nederlandse beleggingsfondsen met 37 toegenomen tot 1.624 (een recordniveau).
De beleggingen (‘assets under management’) van de Nederlandse beleggingsinstellingen stegen met 3,0% k-o-k (EUR 18,8 miljard) tot EUR 644,1 miljard in het vierde kwartaal van 2013.
Een consument diende bij Kifid een klacht in met het verwijt dat zijn adviseur hem onvoldoende heeft gewaarschuwd voor het risico dat het met de verzekering beoogde doel (aflossen van de hypotheekschuld) niet zou worden bereikt.
De Commissie oordeelt dat de aan Consument verstrekte informatie in overeenstemming is met de destijds geldende opvattingen. Voor de consument was voldoende duidelijk dat beleggen het risico op een lager rendement meebracht
Van een vermogensbeheerder mag worden verwacht dat hij periodiek – ten minste jaarlijks – toetst of de beleggingsdoelstelling nog haalbaar is en bij twijfel daarover of in geval van bijzondere marktomstandigheden in overleg treedt met zijn cliënt, stelt Kifid.
Beleggers letten onvoldoende op de kosten van beleggingsfondsen schrijft de AFM, zelfs als ze aangeven dat ze kosten wel belangrijk vinden. Ook zijn ze vaak onrealistisch over het te behalen toekomstige rendement. Dat blijkt uit de Consumentenmonitor eind 2012. Terwijl kosten en rendement belangrijke aspecten zijn bij het opbouwen van vermogen.
DFT.nl lanceert samen met de VEB een speciale site over beleggingsfondsen, met een fondsenvergelijker.
Beleggers krijgen inzicht in de prestaties en de beleggingsmix van meer dan 4.500 verschillende beleggingsfondsen.
Consument verwijt assurantietussenpersoon onjuist en onvolledig advies en onvoldoende informatieverstrekking over de kosten. Tevens zou de assurantietussenpersoon tot afkoop hebben geadviseerd.
Commissie: assurantietussenpersoon heeft zelfstandige verplichting tot het verschaffen van volledige en begrijpelijke informatie omtrent eigenschappen verzekering en kosten.
Vanaf 1 oktober 2006 wordt in de vernieuwde Financiële Bijsluiter (FB) een grafische risicoindicator opgenomen. De risicoindicator is gebaseerd op de GUISE (Gemiddelde Uitbetaling In geval van Slechte Eventualiteiten). De AFM heeft op verzoek van verschillende marktpartijen en nadere (technische) uitleg gepubliceerd van de risicoindicator.
Als professioneel financieel adviseur moet en wilt u bijblijven en dat het liefst in zo weinig mogelijk (kostbare) tijd. Dat kan nu met Fintool.nl! Meld u nu aan als abonnee en krijg direct toegang tot de Kennisbank en Helpdesk.