De consument klaagt dat de tussenpersoon in 2018 zijn zorgplicht heeft geschonden door haar niet te informeren over de gevolgen van premievrijmaking van de lijfrente-verzekering voor een eventuele bijstandsuitkering.
In dit eindejaarsbesluit is een aantal wijzigingen opgenomen van de Algemene douanewet, enkele uitvoeringsbesluiten op het terrein van de directe belastingen, de indirecte belastingen, het formele recht en het internationale belastingrecht en een eerder wijzigingsbesluit.
Van de 873 duizend zelfstandigen zonder personeel (zzp’ers) met een hoofdinkomen uit ondernemerschap betaalde in 2015 bijna 20 procent premie voor een arbeidsongeschiktheidsverzekering (aov) en ruim 10 procent premie voor een lijfrente.
In een wijzigingsbesluit is een goedkeuring gegeven dat als de financiële instelling de te hoge inleg op de lijfrentespaarrekening of het lijfrentebeleggingsrecht terugstort, de rekening in zoverre wordt geacht niet te zijn gedeblokkeerd.
Staatssecretaris Wiebes van Financiën informeert de Tweede Kamer in een richtinggevende brief over de vraag hoe de nettolijfrente onder kan worden gebracht in de tweede pijler binnen de voorwaarden van vrijwilligheid en fiscale hygiëne (voorkomen van onbelaste uitkeringen vanuit belast pensioenvermogen en vice versa) en in welk wetgevingstraject dit kan meelopen.
Dit blijkt uit onderzoek (zie link) van Panteia/EIM in het Midden- en Kleinbedrijf (MKB).
MKB-ondernemers kijken bij hun inkomen na pensionering niet alleen naar het verwachte pensioeninkomen, maar naar hun totale vermogen. Naast de opbouw van een pensioen verwachten veel MKB-ondernemers ook te kunnen beschikken over de waardeontwikkeling van de eigen woning en het overig financieel vermogen.
Als download is het lijfrentebesluit aan de kennisbank toegevoegd.
Van praktisch belang is met name paragraaf 2.4 'Beloning tussenpersoon (artikel 1.7b van de Wet IB 2001)'
Bijna negen op de tien Nederlanders weten niet dat alleen lijfrentepremies of stortingen die nog dit jaar worden gedaan, fiscaal in mindering kunnen worden gebracht op het inkomen over 2011.
Een echtpaar(Gehuwd in GG) koopt een woning. De woning wordt betrokken,de vrouw en kinderen schrijven zich in op het nieuwe adres. De man blijft ingeschreven op het oude huuradres.Hij helpt hiermee tijdelijk familie aan woonruimte. Zijn feitelijke en sociale woonadres is dus de nieuwe woning. Komt hij nu wel/niet in aanmerking voor IB aftrek van zijn gedeelte van de hypotheekrente?
Situatie: 1 mei 2002: klant koopt voor het eerst een eigen woning en gaat een hypothecaire geldlening aan van 200.000 euro (tevens EWS). 1 mei 2004: Klant gaat naar Zuid Afrika (gaat daar wonen en werken). De woning en hypotheek in Nederland worden aangehouden. De woning wordt verhuurd 1 mei 2008: komt de klant weer terug naar Nederland. Ze gaan NIET in de woning wonen maar huren ergens een woning. De woning met hypotheek van 200.000 euro wordt verkocht (huurders zijn eruit). Overwaarde is 20.000 euro 1 mei 2010: Klant koopt een nieuwe woning. Met als koopsom 250.000 euro. Nieuwe hypotheeksom wordt 270.000 euro. Hiervan kan 4.000 euro toegeschreven aan financieringskosten (bemiddelingskosten, taxatiekosten, NHG-kosten en hypotheekakte). Restant zijn verwervingskosten. Kloppen volgende redeneringen? - Renteaftrek voor de klant: Vanaf 1 mei 2010 is dit nog 28 jaar (in periode 1 mei 2002 tot 1 mei 2004) is namelijk al renteaftrek genoten. - In 2010. Is geen sprake van een eigenwoningreserve. De woning is immers in 2004 verhuurd en is dus niet meer gekwalificeerd als eigen woning en termijn EWR is verlopen. - Klant mag de financieringskosten (4.000 euro) meefinancieren in box1 en de rente over deze financieringskosten zijn dus aftrekbaar. 270.000 kan dus volledig als EWS worden beschouwd. Hoor erg graag. Alvast bedankt!
KEW wordt na 10 jaar afgekocht. Totaal premie € 22.000,-, afkoopwaarde € 19.000,-. Wordt hierdoor renteaftrek over de hypotheek met € 19.000,- verlaagd of heeft dit geen invloed?
Om de AOW betaalbaar en de AOW-leeftijd op 65 te houden wil de FNV de hypotheekrenteaftrek voor dure huizen en de lijfrenteaftrek beperken en een hogere AOW-bijdrage van rijke gepensioneerden vragen.
client heeft hypotheek 300.000, waarde woning 1 miljoen. Koopt nu woning en sluit overbrugging plus hypotheek van 700.000. Bijleenregeling bekend. Client heeft nu aftrek over oude hypotheek en nieuwe hypotheek en overbrugging. Stel, client besluit toch niet in de nieuwe woning te gaan wonen maar te verhuren. Krijgt client problemen met de fiscus omdat hij gedurende een bepaalde periode(stel 2 jaar plus lopend jaar) de rente heeft verrekend over de hypotheken en overbrugging. Verhuurde woning valt tzt in box 3.
Klant wil expiratiekapitaal lijfrente ineens uit laten keren. Via verz.mij hoor ik dat 20% revisierente betaald moet worden, maar dat dat volledig terug te vragen is. Iemand anders zei dat dat slechts gedeeltelijk terug te vragen is en de belastingdienst weet niets van terugbetaling revisierente. Kunt u mij vertellen hoe het precies zit? Ing.dat. lijfrenteverz. 01021999, einddatum 01022006 kapitaal 28.700 euro. Klant zit sowieso in 52% belastingtarief.
Een lijfrenteverplichting moet na staking van de onderneming altijd overgaan naar het privé-vermogen. Dat besluit heeft staatssecretaris Wijn van Financiën onlangs in een besluit bekendgemaakt.
Als professioneel financieel adviseur moet en wilt u bijblijven en dat het liefst in zo weinig mogelijk (kostbare) tijd. Dat kan nu met Fintool.nl! Meld u nu aan als abonnee en krijg direct toegang tot de Kennisbank en Helpdesk.