Het Verbond van Verzekeraars stelt een "Toolkit communicatie overlijdensrisicoverzekering' beschikbaar.
De belangrijkste reden voor mensen om geen overlijdensrisicoverzekering (ORV) te hebben, is omdat ze niet weten wat het is. Een schone taak voor het intermediair om hier verandering in aan te brengen.
Echtpaar wil af van schuldenlast. Adviseur stelt oplossing voor waarbij potje uit hypotheekproduct wordt gebruikt bij nieuwe financiering. Risico van overlijden voordat beide echtelieden zijn geaccepteerd bij nieuwe overlijdensrisicoverzekeraar.
In de praktijk bestaat onduidelijkheid over enkele vragen betreffende het premiesplitsingsbesluit (besluit Erfbelasting. Fictieve verkrijging. Levensverzekering en derdenbeding. Premiesplitsing, 14 december 2010, Stcrt 2010, 20508).
Hoezeer de commissie ook begrip heeft voor de verdrietige situatie waarin de consument en haar echtgenoot zich bevinden, er zijn naar het oordeel van de commissie onvoldoende gronden aanwezig om aan te nemen dat zij aanspraak kunnen maken op een vervroegde uitkering.
Bijna 100 duizend jongeren (0- tot 25-jarigen) waren eind 2021 halfwees. Ruim 1,5 duizend jongeren hadden zowel geen vader als geen moeder meer. Sinds 2000 neemt het aantal jongeren dat (half)wees wordt af, maar in coronajaren 2020 en 2021 was er juist een stijging. Jongeren verloren vooral vaker hun vader. Nieuwvormingen, waaronder kanker, waren de vaakst voorkomende doodsoorzaak. Dit blijkt uit nieuwe cijfers van het CBS.
Een overlijdensrisicoverzekering is geen complex product volgens de BGfo. De keus voor het wel of niet tekenen van een partnerverklaring kan wel complex zijn.
De consumenten hadden in 2009/2010 moeten ontdekken dat de overlijdensrisicoverzekeringen een veel kortere looptijd hadden dan de leningdelen van de hypothecaire geldlening en – indien dit niet overeenkwam met hun wensen – zich op dat moment tot de adviseur moeten wenden.
De consument stelt dat zij en haar man tijdens het adviesgesprek in 2003 niet door de bank zijn gewezen op de beëindiging van de overlijdensrisicoverzekering. De consument stelt dat zij en haar man – indien zij hierover destijds wel waren geïnformeerd – een nieuwe overlijdensrisicoverzekering hadden afgesloten.
Volgens de consument heeft de adviseur zijn zorgplicht geschonden door bij het oversluiten van de hypotheek niet zorg te dragen voor een overlijdensrisicoverzekering van € 125.000,- en door de consument niet te waarschuwen voor de risico’s van het ontbreken van die verzekering.
De consument klaagt over de eis die de bank stelt aan het verwerken van zijn verzoek tot beëindiging van zijn overlijdensrisicoverzekering. De bank heeft de consument medegedeeld dat zij zijn verzoek alleen met tussenkomst van een financieel adviseur wil uitvoeren, omdat zij de beëindiging van de overlijdensrisicoverzekering niet beschouwt als een wijziging van ondergeschikte aard.
De vriendin van overledene spreekt een assurantietussenpersoon aan voor het feit dat de begunstiging o.a. 'echtgenote' was. Daar zij geen echtgenote was, is de uitkering niet aan haar uitgekeerd.
Partijen hebben van 2008 tot medio 2014 met elkaar een affectieve relatie gehad. Sinds 2 februari 2009 was de vrouw als enige eigenaar van de woning. Bij het aangaan van deze leningen hebben partijen bij verzekeraar X een overlijdensrisicoverzekering afgesloten.
Het Verbond en de Nederlandse Federatie van Kankerpatiëntenorganisaties (NFK) hebben de website Verzekerennakanker.nl gelanceerd. Op deze website is alle informatie te vinden over de schone lei-regeling die begin dit jaar is ingegaan.
Het vermogen van mannen en vrouwen tot de AOW-leeftijd die in 2018 hun partner kwijtraakten, is na de verweduwing ruim anderhalf keer zo groot als ervoor. In doorsnee bedroeg hun vermogen ongeveer 140 duizend euro begin 2019. Dat is meer dan mannen en vrouwen die na de AOW-leeftijd hun partner kwijtraakten. Hun vermogen is juist lager dan voor de verweduwing. Dat blijkt uit CBS-onderzoek naar de financiële gevolgen van verweduwing.
Als na het afsluiten van een nieuwe overlijdensrisicoverzekering een carenzperiode gaat lopen, moet de assurantietussenpersoon de (aspirant-)verzekeringnemer daarop wijzen.
Consument en zijn partner hebben via een voorganger van Adviseur in verband met een hypotheek een overlijdensrisicoverzekering afgesloten. Bij het oversluiten van zijn hypotheek hebben Consument en zijn partner twee nieuwe overlijdensrisicoverzekeringen afgesloten.
Consument stelt dat de door Verzekeraar toegepaste korting van 25% op de uitkering onterecht is. Haar overleden echtgenoot rookte niet, maar gebruikte slechts enkele malen een nicotinespray.
Belastingplichtige is in cassatie tegen de uitspraak van het Gerechtshof Amsterdam. Het Gerechtshof stelde in tegenstelling tot de rechtbank dat de vaste termijnverzekering wordt aangemerkt als een kapitaalverzekering.
Heeft Aangeslotene als assurantietussenpersoon zijn zorgplicht jegens Consument geschonden door onvoldoende zorg te betrachten bij de aanvraag van de ORV waardoor Consument uitkering onder de ORV is misgelopen na het overlijden van haar echtgenoot?
Consument stelt Adviseur aansprakelijk, omdat sinds langere tijd de premies van overlijdensrisicoverzekeringen dalen en hij hierop niet is geattendeerd door Adviseur.
Als professioneel financieel adviseur moet en wilt u bijblijven en dat het liefst in zo weinig mogelijk (kostbare) tijd. Dat kan nu met Fintool.nl! Meld u nu aan als abonnee en krijg direct toegang tot de Kennisbank en Helpdesk.