De meeste pensioendeelnemers willen dat hun pensioenfonds bij de keuzebegeleiding rekening houdt met hun huidige financiële situatie, inflatie en economische vooruitzichten en/of toekomstige levensplannen.
Nederlanders ontvangen informatie over hun pensioen niet altijd volledig, tijdig of correct. In ruim de helft van deze gevallen ligt de oorzaak in de vertaalslag van pensioenadministratie naar communicatie-uitingen. Dit blijkt uit een verkennend AFM-onderzoek.
De Stichting van de Arbeid heeft in juni 2020 het ‘Aanvalsplan witte vlek, voorstellen om het gemis aan pensioenopbouw onder werknemers tegen te gaan’ uitgebracht. Dit aanvalsplan bevat 22 actiepunten waar niet alleen sociale partners aan moeten werken maar waarbij ook de inzet en gezamenlijke verantwoordelijkheid van andere partijen nodig is. In de eerste voortgangsrapportage, die aan de staatssecretaris van SZW is aangeboden, laat de Stichting zien hoe het ervoor staat met de uitwerking van die 22 actiepunten.
U heeft pensioen opgebouwd in een beschikbare premieregeling: gedurende uw dienstverband is er een bepaald kapitaal opgebouwd waarvoor u nu zelf een pensioenuitkering moet aankopen. De offerte van de verzekeraar met daarin de hoogte van uw toekomstige maandelijkse pensioenuitkering valt echter nogal tegen. U wilt weten of u hier iets tegen kunt ondernemen.
Op 1 maart 2018 is de Wet waardeoverdracht klein pensioen van kracht geworden. De wetgever beoogt met de automatische waardeoverdracht het behoud van de pensioenbestemming van kleine pensioenen te waarborgen. In deze wet is vastgelegd dat onder bepaalde voorwaarden pensioenuitvoerders het recht op de automatische waardeoverdracht ook mogen toepassen op de bestaande kleine pensioenen die vanwege einde dienstverband zijn ontstaan vóór 1 januari 2018.
De Hoofdlijnennotitie uitwerking pensioenakkoord meldt dat “als kern van het nieuwe pensioencontract wordt aangesloten bij het idee dat een positief of negatief rendement (of andere schokken) in een ideale situatie voor alle fondsdeelnemers eenzelfde invloed heeft op het te verwachten pensioenresultaat.
Er is een wetsvoorstel ingediend in verband met de introductie van de mogelijkheid om een deel van de waarde van de aanspraken op ouderdomspensioen of op periodieke uitkeringen van oudedagsvoorzieningen in de derde pijler op de ingangsdatum daarvan te laten afkopen.
Ook is er sprake van een tijdelijke versoepeling van de pseudo-eindheffing op regelingen voor vervroegde uittreding en de uitbreiding van de fiscale ruimte voor het sparen van bovenwettelijk verlof (Wet bedrag ineens, RVU en verlofsparen).
Het kabinet en sociale partners hebben definitief overeenstemming bereikt over de uitwerking van pensioenakkoord. Daarmee is een belangrijke mijlpaal bereikt op weg naar een nieuw pensioenstelsel.
Als gevolg van het coronavirus Covid-19 zijn ingrijpende maatregelen getroffen. Soms hebben deze maatregelen tot gevolg dat werkgevers voor hun werknemers of een deel van hun werknemers tijdelijke arbeidsduurverkorting moeten toepassen. Zijn er mogelijkheden om de pensioenopbouw ongewijzigd voort te zetten zonder rekening te moeten houden met de toegepaste tijdelijke arbeidsduurverkorting?
Het kabinet wil mensen meer flexibiliteit bieden bij het opnemen van hun pensioen. Daarom kunnen mensen straks maximaal tien procent van de waarde van het door hen opgebouwde pensioen opnemen op het moment dat zij met pensioen gaan.
De verdeling van pensioenen voor partners die gaan scheiden wordt gemoderniseerd. Dat wordt beoogd met het wetsvoorstel pensioenverdeling bij scheiding 2021 waarmee de ministerraad op voorstel van minister Koolmees heeft ingestemd.
Gemiddeld was eind 2016 het reeds opgebouwde pensioen voor mensen van 25 jaar tot de AOW-leeftijd 6.000 euro bruto per jaar, voor mannen 7.400 euro en voor vrouwen 4.400 euro. Dat betekent dat mannen gemiddeld ongeveer 40 procent meer pensioen hebben opgebouwd dan vrouwen. Dat blijkt uit de pensioenaansprakenstatistiek van het CBS.
Minister W. Koolmees gaat in een Kamerbrief nader in op van een motie over ‘beleggersbonussen’, vergeten pensioenen en het ingetrokken wetsvoorstel fuserende bedrijfstakpensioenfondsen.
Na een echtscheiding wordt het pensioen voortaan automatisch verdeeld over beide ex-partners. Minister Koolmees stelt dit voor in een brief aan de Tweede Kamer.
Staatssecretaris Wiebes heeft nadere vragen van de Eerste Kamer beantwoord over het verschil tussen een bepaald en een onbepaald elders verzekerd deel bij een pensioen in eigen beheer (PEB).
Staatssecretaris Wiebes van Financiën informeerde de Tweede Kamer over de novelle, het nader rapport en de uitvoeringstoets van pensioen in eigen beheer.
Er blijkt bij verschillende uitvoerders onduidelijkheid te bestaan over hoe het blok over risico in stap 4 van de Pensioenvergelijker moet worden ingevuld.
Het betreft de vragen ‘Staat de hoogte van de pensioenuitkeringen nu al vast?’ en ‘Is de hoogte van de pensioenuitkeringen afhankelijk van beleggingsresultaten?’.
Op grond van artikel 18d, eerste lid, onderdeel a, van de Wet op de loonbelasting 1964 (Wet LB) kunnen een ouderdomspensioen, een partnerpensioen en een wezenpensioen de maxima van de artikelen 18a, 18b en 18c Wet LB overstijgen voor zover dat het gevolg is van het aanpassen van het pensioen aan loon- of prijsontwikkeling (indexatie).
In pensioenregelingen van pensioenfondsen is de indexatie veelal voorwaardelijk vormgegeven. Er bestaat dan geen automatisch recht op indexatie van de opgebouwde pensioenaanspraak of het pensioen. Het toekennen van een indexatie is dan niet alleen afhankelijk van de financiële positie van het pensioenfonds, maar ook van de beslissing van het bestuur van het pensioenfonds om de indexatie al dan niet toe te kennen.
Vanwege een te lage dekkingsgraad heeft het bestuur van een pensioenfonds de afgelopen jaren besloten om de opgebouwde pensioenaanspraken van de (ex-) deelnemers en de pensioenen van de uitkeringsgerechtigden niet (volledig) te indexeren. Kan het pensioenfonds binnen de kaders van de fiscale wet- en regelgeving de in de afgelopen jaren achterwege gelaten indexatie op een later moment alsnog toekennen?
Bij vier van de vijf grootste fondsen is de beleidsdekkingsgraad inmiddels ruim onder de 100 procent. De kans dat in 2017 de pensioenuitkeringen en –opbouw moeten worden verlaagd, wordt daardoor steeds groter. Bepalend is de stand van de dekkingsgraad op 31 december 2016.
In plaats van kleine pensioenen tussentijds af te kopen, door kleine bedragen aan mensen uit te keren, zouden pensioenfondsen en verzekeraars deze kleine pensioenpotjes samen moeten kunnen voegen. Afkopen heeft namelijk aanzienlijke gevolgen voor de pensioenen van mensen. Door deze te bundelen, behouden die kleine potjes hun pensioenbestemming. Daarom gaat Klijnsma het recht van pensioenuitvoerders om tot afkoop over te gaan omvormen tot de verplichting om kleine pensioenaanspraken over te dragen aan de nieuwe pensioenuitvoerder als iemand van baan wisselt. Of naar de uitvoerder waar de deelnemer het meeste pensioen heeft opgebouwd. Dat schrijft staatssecretaris Klijnsma in een brief aan de Tweede Kamer.
Als professioneel financieel adviseur moet en wilt u bijblijven en dat het liefst in zo weinig mogelijk (kostbare) tijd. Dat kan nu met Fintool.nl! Meld u nu aan als abonnee en krijg direct toegang tot de Kennisbank en Helpdesk.