Minister Ollongren beantwoorde de vragen van de commissie voor Binnenlandse Zaken en de Hoge Colleges van Staat/Algemene Zaken en Huis van de Koning over de Staat van de Woningmarkt.
Het aantal midden- en hogere inkomens in het sociale huursegment is tussen 2012 en 2015 met een kwart afgenomen tot 20 procent. Deze zogeheten scheefwoners stromen na een verhuizing ook vaker door naar een koopwoning of een huurwoning in de vrije sector.
Het WoON is een periodiek terugkerend onderzoek dat door het Ministerie van BZK in samenwerking met het CBS wordt uitgevoerd. De belangrijkste onderwerpen zijn de actuele woonsituatie, de woonlasten, de gerealiseerde verhuizingen in de 2 jaar voorafgaand aan de enquête en - in het geval er verhuisplannen bestaan - de woonwensen.
Zie download voor volledig rapport.
Van de wooncorporaties zal ruim driekwart de huurverhoging (inkomensafhankelijk) door gaan voeren om financieel gezond te blijven, schrijft NOS.
Een op de tien corporaties voor geen inkomensafhankelijke huurverhoging door, omdat volgens hen de kosten niet opwegen tegen de inkomsten.
Minister Spies van Binnenlandse Zaken zet haar plan door om scheefhuren tegen te gaan. Dit ondanks privacybezwaren van het College Bescherming Persoonsgegevens (CBP). De kans dat het parlement ermee instemt, lijkt klein.
Het grootste deel van de scheefhuurders krijgt dit jaar toch niet 5 procent extra huurverhoging. Vanwege tijdsdruk en problemen rondom de invoering hebben de meeste corporaties besloten om de extra huurverhoging voor de rijkere huurders nog een jaar uit te stellen.
Woningcorporaties mogen per 1 juli een huurverhoging tot 5 procent opleggen aan huurders met een bruto-inkomen van meer dan 43.000 euro. De Tweede Kamer heeft ingestemd met het kabinetsvoorstel om het zogenoemde scheefwonen aan te pakken.
Minstens een op de zes woningcorporaties zegt de huur van huurders met een hoog inkomen niet extra te willen verhogen met 5%. Dat blijkt uit een onderzoek van de NOS onder 300 woningcorporaties.
Een man en vrouw wonen al 10 jaar ongehuwd samen zonder samenlevingscontract. De wet zegt: om voor een uitkering in aanmerking te komen krachtens de ANW moet men nabestaande van de overledene zijn. Nabestaande is iemand van gelijk of verschillend geslacht die als gehuwde, geregistreerde partner of als ongehuwd samenwonende een gezamenlijke huishouding voerde met de overledene. Echter, de vraag is: moet er bij ongehuwd samenwonende sprake zijn van een samenlevingscontract wil de achterblijvende partner in aanmerking komen voor de ANW aan de overige vereisten wordt voldaan, want clienten hebben een kind jonger dan 18 jaar.
Clienten wonen op verschillende adressen. Client A heeft een E.W.R. ad EUR 150.000.=.
Client B koopt de gezamenlijke woning.
Beiden A en B zijn hoofdelijk aansprakelijk voor de hypothecaire geldlening.
Beperkt de gerealiseerde overwaarde van client A de hypotheekrente aftrek of doet deze na het verstrijken van de termijn van vijf jaarniet meer ter zake?
Als professioneel financieel adviseur moet en wilt u bijblijven en dat het liefst in zo weinig mogelijk (kostbare) tijd. Dat kan nu met Fintool.nl! Meld u nu aan als abonnee en krijg direct toegang tot de Kennisbank en Helpdesk.