Het oneigenlijke (dubbele) gebruik van de ‘jubelton’ door middel van ‘kruislings schenken’ voor een eigen woning kan worden tegengegaan op basis van het civiele recht of het fiscaalrechtelijke leerstuk fraus legis (wetsontduiking). Tot onder meer die slotsom komt advocaat-generaal (AG) Koopman in zijn conclusie over de verruimde eigenwoningvrijstelling die is gepubliceerd.
De Kennisgroep inkomstenbelasting niet-winst heeft de vraag behandeld op welke wijze de deelname van een belastingplichtige in een zogenoemde schenkkring (als alternatief voor een arbeidsongeschiktheidsverzekering) in box 3 in aanmerking wordt genomen.
De Kennisgroep successiewet heeft een vraag beantwoord over hoe bij het overlijden van de langstlevende echtgenoot voor de erfbelasting wordt omgegaan met een onderhandse renteafspraak.
De Kennisgroep successiewet heeft de vraag beantwoord hoe de leeftijdsgrens voor de eenmalig verhoogde vrijstelling voor de schenkbelasting wordt gehanteerd bij een reeks schenkingen.
Ouders zien soms af van het wettelijk vruchtgenot van het vermogen van hun kinderen. Ook komt het voor dat ouders -die over een deel van het vermogen van hun kinderen NIET het ouderlijk vruchtgenot hebben- afzien van het verhalen van de inkomstenbelasting, die zij daarover verschuldigd zijn.
Worden vijf afzonderlijke akten van schenking als een periodieke schenking aangemerkt voor de schenkbelasting (repeterende schenking, contante waarde).
Deze handreiking behandelt diverse aspecten van de compensatie ter voorkoming van de belaste schenking als gevolg het prijsgeven van pensioen in het kader van uitfaseren van pensioen in eigen beheer.
De familiebank kan gezien de huidige stand van de spaarrentes een goed alternatief vormen. Maar welk rentepercentage mag men dan rekenen? Vaak wordt een 'opslag' van 25% als richtlijn gegeven. In een handreiking familieleningen geeft de Belastingdienst een richtlijn. En heel handig, er is ook een 'toetsschema'.
Hieronder wordt een praktijkcasus beschreven, waarbij gebruik is gemaakt van een familiehypotheek (met schenkconstructie). In de regel fiscaal bezien een voordelige constructie. De hypotheekrente is weliswaar hoger dan bij de bank, maar door de belastingteruggave in combinatie met het terugschenken door de ouder(s) heeft de huiseigenaar lagere of geen extra maandlast als gevolg van de familiehypotheek.
Ter besparing van toekomstige erfbelasting kan bij leven alvast geschonken worden. Soms gebeurt dit enkel 'op papier', waarbij ook jaarlijks 6% daadwerkelijk wordt overgemaakt door de schuldenaar. Maar wat als de ouders gaan scheiden, 1 van de ouders niet meer in staat is de rente te betalen en de begunstigde toch deze rente opeist?
In het echtscheidingsconvenant is afgesproken dat beide ouders ieder voor de helft de verplichtingen uit de overeenkomsten zal nakomen.
Belanghebbenden zijn in 2014 gehuwd en woonachtig in Polen. Zij hebben van de [A] (hierna: de Stichting) een bedrag van € 21.485,52 ter leen ontvangen (hierna: de lening).
Belastingplichtige ontvangt een schenking (€50.000) van haar oom in de vorm van een schuldigerkenning. De rechtbank is van oordeel dat sprake is van een verkrijging onder ontbindende voorwaarde.
Ontvangers van erfenissen en schenkingen zijn relatief rijker dan leeftijdsgenoten die niets ontvangen. Desondanks hebben erfenissen en schenkingen tussen 2007 en 2015 niet geleid tot een toename van de vermogensongelijkheid.
Consument heeft de geldverstrekker verzocht om haar partner uit de hoofdelijke aansprakelijkheid te ontslaan. De geldverstrekker heeft dit verzoek geweigerd omdat zij vindt dat het gedeelte van het inkomen van Consument bestaande uit giften en schenkingen niet als bestendig inkomen kan worden aangemerkt.
Bij het invoeren van de gegevens in het geautomatiseerde systeem van de Belastingdienst heeft een administratief medewerker als verkrijging niet het in de aangifte vermelde bedrag van € 37.713.473 maar € 37.713 ingevoerd. Dit heeft geleid tot het opleggen van een aanslag schenkbelasting van € 3.268. De dagtekening van de aanslag is 2 juli 2013. Het aanslagbiljet vermeldt: “Deze definitieve aanslag is vastgesteld overeenkomstig de aangifte”.
De inspecteur heeft geconstateerd dat de aanslag schenkbelasting naar een te laag bedrag is vastgesteld en heeft met dagtekening 29 juli 2014 aan belanghebbende een navorderingsaanslag opgelegd naar een verkrijging van € 37.713.473, resulterende in € 7.539.117 aan schenkbelasting.
De Hoge Raad heeft een uitspraak gedaan over de omvang van een schenking bij de verkoop van een woning, waarbij een deel van de koopsom werd kwijtgescholden.
In een eerdere uitspraak van het Hof werd uitgegaan van de WOZ waarde.
Ouders hadden aan hun kind een lening verstrekt voor de aankoop van een woning, waarbij de lening is kwijtgescholden onder het maken van een uitsluitingsclausule. Bij een daaropvolgende echtscheiding is de vraag aan de rechter voorgelegd of de woning in de gemeenschap viel.
Bij onderhandse aktes heeft de moeder van eiser (erflaatster) in de jaren 2008, 2009 en 2010 diverse schenkingen aan hem en zijn broers en zussen gedaan welke door haar schuldig zijn gebleven. In december 2011 is erflaatster overleden en was op de schuldig gebleven bedragen nog niks afgelost. De rechtbank oordeelt dat de schuldig gebleven bedragen niet voor aftrek op de nalatenschap in aanmerking komen, omdat eiser niet aannemelijk heeft gemaakt dat de schenkingen niet de strekking hadden om pas na het overlijden van erflaatster te worden uitgevoerd.
Als u een woning koopt en de koopsom lager is dan de waarde in het economisch verkeer, is er sprake van een schenking. Van welke waarde dient dan uitgegaan te worden voor het bepalen van de schenkbelasting?
Het Hof oordeelde eerder dat, ondanks dat geen ‘kasrondje’ plaatsvindt, geen sprake is van enige kwijtschelding, nu de rente zorgvuldig wordt geadministreerd en de belanghebbende de schenking heeft aangewend voor aflossing van de schuld.
De conclusie strekt ertoe dat het beroep in cassatie van de Staatssecretaris van Financiën ongegrond dient te worden verklaard.
De Rechter heeft een uitspraak gedaan over het moment van de opname van een uitsluitingsclausule. In deze casus heeft de vrouw een bedrag geschonken gekregen van haar moeder. De gelden van deze schenking waren afkomstig uit de nalatenschap van de vader van de vrouw. In het testament van de vader van de vrouw is een uitsluitingsclausule opgenomen. Voorts blijkt uit de schenkingsovereenkomst zoals gesloten door de vrouw met haar moeder dat een uitsluitingsclausule van toepassing is, zo stelt de vrouw. De man voert aan dat de moeder van de vrouw op 14 februari 2011 een bedrag ad € 21.000,-- heeft geschonken, terwijl pas op 15 maart 2011 een schenkingsovereenkomst is opgemaakt. Nu de schenkingsovereenkomst is opgesteld nadat de schenking heeft plaatsgevonden, is de in de overeenkomst opgenomen uitsluitingsclausule volgens de man niet van toepassing op de schenking.
Als professioneel financieel adviseur moet en wilt u bijblijven en dat het liefst in zo weinig mogelijk (kostbare) tijd. Dat kan nu met Fintool.nl! Meld u nu aan als abonnee en krijg direct toegang tot de Kennisbank en Helpdesk.