Dit besluit wijzigt het Verzamelbesluit pensioenen. De wijziging betreft een goedkeuring met betrekking tot de premievrije voortzetting bij arbeidsongeschiktheid.
In dit besluit zijn de beleidsstandpunten opgenomen over de lijfrenteverzekering, de lijfrenterekening, het lijfrentebeleggingsrecht, de aftrek van premies voor lijfrenteverzekeringen en de aftrek van de inleg voor lijfrenterekeningen en lijfrentebeleggingsrechten als uitgaven voor inkomensvoorzieningen onder de Wet IB 2001. Ook zijn de beleidsstandpunten opgenomen over vóór 2001 gesloten lijfrenten en andere rechten op periodieke uitkeringen voor de toepassing van de Invoeringswet Wet inkomstenbelasting 2001. Daarnaast zijn beleidsstandpunten opgenomen over onderhoudsverplichtingen in de vorm van verrekening van pensioenrechten.
Dit is een verzamelbesluit op het gebied van de financiële markten. Het besluit bevat onderwerpen die te klein zijn voor een apart besluit. De belangrijkste onderwerpen van dit besluit zijn:
In dit besluit wordt de dekking geregeld van een maatregel die is meegenomen in de Fiscale verzamelwet 2025: “Afschaffing 27-jaargrens eerstegraads bloed- en aanverwanten toeslagpartnerschap”.
Dit besluit vervangt het besluit van 15 mei 2017, laatstelijk gewijzigd bij besluit van 16 maart 2023. In dit besluit zijn alleen beleidsmatige onderwerpen opgenomen. Voor zover nog relevant zijn de onderwerpen met een toelichtend karakter opgenomen in een vraag- en antwoorddocument.
In dit besluit zijn goedkeuringen opgenomen voor de toepassing van de heffingskortingen in de inkomstenbelasting, de loonbelasting en de premie voor de volksverzekeringen.
In dit besluit zijn nieuwe goedkeuringen opgenomen over de toepassing van de startersvrijstelling en het tarief van 2% die gelden bij de verkrijging van woningen indien aan de daarvoor geldende voorwaarden is voldaan.
Dit besluit is een samenvoeging van vier besluiten over winstbepaling voor de jaarwinst. Daarnaast zijn de teksten inhoudelijk en redactioneel aangepast.
Dit besluit maakt deel uit van de in beginsel jaarlijkse wijzigingscyclus van wet- en regelgeving op het terrein van de financiële markten. In deze cyclus worden kleinere onderwerpen opgenomen die geen separaat besluit rechtvaardigen. Met dit verzamelbesluit worden wijzigingen aangebracht in het Besluit prudentiële regels Wft (Bpr), het Besluit gedragstoezicht financiële ondernemingen Wft (BGfo), het Besluit gereglementeerde markten Wft (Bgm), alsmede enige andere besluiten op het terrein van de financiële markten.
Dit besluit wijzigt een eerder besluit. De wijziging betreft onderdeel 6.2, waarbij de bestaande goedkeuring wordt vervangen door vooruitlopend op een mogelijke wetswijziging goed te keuren dat bepaalde personen niet langer als derden worden aangemerkt als zij aansluitend op of gedurende de uitzending in de woning van de belastingplichtige (gaan) wonen.
De Wet op de vennootschapsbelasting 1969 bevat twee bijzondere regelingen voor beleggingsinstellingen. Dit besluit bevat het beleid ten aanzien van de beleggingsinstelling die gebruik maakt van artikel 28 van de Wet op de vennootschapsbelasting 1969.
Minister Schouten stuurde 2 ontwerpbesluiten over pensioenonderwerpen naar de Tweede Kamer. Het gaat om een 'Ontwerpbesluit tot wijziging van het Besluit uitvoering Pensioenwet en Wet verplichte beroepspensioenregeling vanwege aanpassing van de regeling voor nettopensioen' en 'Ontwerpbesluit houdende vaststelling van regels omtrent experimenten voor een pensioenregeling voor zelfstandigen'.
Minister Kuipers stuurde de Tweede Kamer een ontwerpbesluit over de wijziging van het Besluit percentages drempel- en toetsingsinkomen zorgtoeslag in verband met gewijzigde percentages met ingang van het berekeningsjaar 2023.
In dit besluit wordt een aantal maatregelen vastgesteld op het terrein van de eigen bijdragen voor langdurige zorg op grond van de Wet langdurige zorg (Wlz) en de maatschappelijke ondersteuning op grond van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 (Wmo 2015). Dit besluit wijzigt het Besluit langdurige zorg (Blz) en het Uitvoeringsbesluit Wmo 2015 (UvB Wmo 2015).
Het Besluit Gedragstoezicht financiële ondernemingen Wft wordt gewijzigd op een aantal onderdelen rondom duurzaamheidsrisico's.
Onder duurzaamheidsrisico wordt verstaan een gebeurtenis of omstandigheid op ecologisch, sociaal of governancegebied die, indien deze zich voordoet, een werkelijk of mogelijk wezenlijk negatief effect op de waarde van de belegging kan veroorzaken.
Dit besluit is een actualisering van het Besluit van 13 december 2019. Bij de eerdere actualisering van dit besluit op 13 december 2019 is per abuis de opgenomen goedkeuring ten aanzien van de uitkeringsperiode van de overbruggingslijfrente beperkt tot uiterlijk de AOW-leeftijd.
Dit besluit is een actualisering van het besluit van 20 april 2015 en bevat het beleid voor de schenk- en erfbelasting over de waardering op grond van artikel 21 van de Successiewet 1956.
Als professioneel financieel adviseur moet en wilt u bijblijven en dat het liefst in zo weinig mogelijk (kostbare) tijd. Dat kan nu met Fintool.nl! Meld u nu aan als abonnee en krijg direct toegang tot de Kennisbank en Helpdesk.